Sado loopt Shikoku!

Lopen

Ik fietste vorige vrijdag van het werk naar huis toen ik op het dorp ineens werd aangehouden door een vrouw. Ik was een beetje verdwaasd (vrijdagmiddag, je bent blij dat het weekend is), maar was nog wel helder genoeg haar te identificeren als een trouwe lezeres van mijn blog maar waarvan ik geen flauw idee had wie het zou zijn. En zij herkende mij dus ook, wat knap is, want ik zie er nu niet het meest charmant uit als ik uit het werk kom. Maar goed, zo zat ik dus vrijdag bijna heel de dag bij Ria, die ook al drie keer is afgereisd naar Japan om op bezoek te gaan bij een Japanse vriendin van haar. Foto's gekeken, lekker gegeten, en dus vooral voorpret (voor mij dan). Het was gezellig.

Op mijn verjaardag ook weer veel mensen gezien, veel van wie behoorlijk gul zijn geweest. Bedankt allen. Ik hoop in ieder geval dat het aanwezige voedsel, drinken en gezelschap de moeite waard is geweest voor sommigen van jullie om weer eens het halve land af te reizen naar het dorp waar de zon altijd schijnt. Het potje voor de donatie staat weer op de kast bij de grote spiegel en een driecijferig bedrag is alweer bereikt. Ik ben benieuwd hoeveel ik dit keer bij elkaar kan brengen. Ook dit jaar draaien de kosten vooral om het kopen van nieuw materiaal. Van mijn ouders heb ik voor mijn verjaardag stevige wandelschoenen gehad. Zelf heb ik een nieuwe 35-liter tas gekocht. Ik ga mijn 80-liter tas ook gebruiken, maar deze laat ik op een gegeven moment achter (waarschijnlijk in Mito, bij mijn inmiddels goede vrienden aldaar) om met dus de kleinere tas verder te gaan. Als je gaat lopen moet je immers slechts het minimale bij je hebben. Dan kan ik, zodra ik weer terug ben in Tokyo, de 80-liter tas opvullen met wat ik dan ook allemaal ga kopen en ga meekrijgen.

In deze blogpost wil ik ook even wat aandacht werpen op het lopen in Japan. Dan vooral het afstandlopen, natuurlijk. We hebben in Nederland ook wel een beetje een looptraditie, denk alleen al aan de Nijmeegse vierdaagse, de strandloop van Scheveningen naar Den Helder en het Pieterpad. Dit zijn echter vooral tamelijk kleine afstanden, natuurlijk vooral omdat ons land zelf zo klein is. Een bekende langere tocht is ook in Europa een bedevaart, naar Santiago in Castilie. Ook naar dit oord ondernemen jaarlijks waarschijnlijk tienduizenden mensen een looptocht om strafvermindering na de dood te verdienen. Echter hoef je slechts een afstand van 100 kilometer te lopen om hiervoor in aanmerking te komen. Er zijn natuurlijk ook mensen die er een langere tocht van maken, soms ook wel ruim over de 1000 kilometer. In het enorme Japan is het al langer de traditie om afstanden te lopen, en dan vooral tempelbedienden. Dat gebeurd vandaag de dag nog. Er zijn de laatste jaren echter ook buitenlanders die de gok wagen en beginnen aan een tocht te voet door Japan. Alleen de doorzetters komen ergens; veel geven op vanwege taalbarrieres, fysieke problemen, of gewoon het mentaal niet meer aankunnen. De mensen die denken dat dit fysiek moeilijk is, zitten er volgens mij naast. Dag in dag uit meer dan 30 kilometer lopen is vooral een kwestie van wil. Misschien heb je de eerste week problemen met je benen en je voeten, maar nadat je deze kwalen overwint, ben je overgeleverd aan de monotonie van de dag.

De bedevaart komt voort uit een Boeddhistische traditie. Laat ik zeggen dat ik geen Boeddhist ben. Ik sta eerder kritisch tegenover het Boeddhisme. Niet alleen tegenover de fastfood-religious-experience invulling ervan die we hier in het westen eraan geven, maar ook tegenover het nihilistische karakter ervan, zoals het origineel is ontwikkelt. Dat betekent echter niet dat er geen eigen invulling aan deze reis gegeven kan worden, in overeenkomst met de Boeddhistische intentie. Dit is Boeddhistisch gezien een reis die bestaat uit 4 delen, die dan overeen moeten komen met de verschillende realisaties waar een Boeddhist doorheen gaat op weg naar verlichting. Op Shikoku zijn er 4 ken (soort van provincies). Elke ken waar je doorheen reist staat symbool voor de reis van de Boeddhist: ontwakening, cultivatie, verlichting en nirvana. Hoe ver je komt ligt aan hoe diep je realisatie is van de verschillende waarheden afzonderlijk.

In de fase van de ontwaking kun je overrompelt worden door een heleboel dingen. In het Boeddhisme is dat het besef van het enorme lijden in de wereld. In termen van de bedevaart krijg je te maken met het besef dat je benen pijn doen, het nog 1400 kilometer wandelen is, die constante regen, kortom, simpelweg het besef van het fysieke en lichamelijke. Dit is genoeg om het dan al op te geven. Je beseft je niet werkelijk waar je mee bezig bent tot je het echt werkelijk doet. Tussen een idee bedenken en het uitvoeren zit een groot gat. Je wordt als het ware binnen de bedevaart opnieuw geboren: je leven is dan niet meer dat van student, of advocaat, of huisvrouw; je bent op dat moment het leven aan het leven van iemand wiens pad langs 88 tempels gaat, en 1500 kilometers telt. Het enige wat je kan redden, ben jij zelf. Er is niemand die het voor je gaat lopen. Je kiest in volle vrijheid om dat te doen, en je kiest dus je eigen lot. Dit staat dichter bij de existentialistische visie (bijvoorbeeld 'recentelijk' ontwikkelt door Sartre, vroeger ook in Christelijke vorm door Kierkegaard) waar ik zelf meer mee op heb. Want uiteindelijk draait het hele levens om het maken van keuzes. Doe je dat niet, dan lieg je jezelf voor. Er zijn ook mensen die hun hele leven besteden aan het zich verzetten tegen de genadeloze vrijheid waarin we allemaal geboren worden ('kwade trouw'). Een mens is zo vrij dat hij zelfs niet kan kiezen om niet vrij te zijn. Dat deze vrijheid drukker aanwezig is op een tocht van 1500 kilometer komt omdat je geisoleerd raakt van je sociale omgeving, die normaal gezien druk op je uitoefent, en onder welke druk je misschien de illusie kunt koesteren niet zelf de touwtjes in handen te hebben. Maar ook slaaf zijn van die druk, is een keuze. 

De cultivatie dan draait simpelweg om doorzetten. Het draait om het ritueel, om de spreuk, om het herhalen van bepaalde magische riten en handelingen. Dit is een fase waar vooral veel westerse mensen (in ieder geval Nederlanders) denk ik spiritueel  snel afhaken. Rituelen zijn raar, magie bestaat niet dus spreuken zijn ook niet nodig, en al die goden en alles is allemaal bijgeloof. Er valt dus voor iemand die zo door het leven gaat niet veel meer te cultiveren dan het onmiddelijk fysiek aanwezige uit de 1e fase. Cultivatie draait om het beseffen van universele wetten die net zo geldig zijn als de zwaartekracht, maar die gecultiveert moeten worden. Een spreuk werkt pas als er op de juiste wijze mee om wordt gesprongen. Het ritueel moet op bepaalde manieren worden uitgevoerd. Het is als het bereiden van voedsel. Natuurlijk kun je ook gewoon iets in de magnetron flikkeren, maar juist het uitvoeren van het ritueel van het bereiden, het besteden van tijd, zorgt voor een bepaalde toegevoegde waarde die fysische niet aanwezig is maar die wel degelijk aanwezig is. Al is het maar in het hoofd. En wat in het hoofd zit, is net zo echt als wat fysisch onmiddelijk aanwezig is. Toch? De wandeltocht heeft de structuur van een ritueel en ook de uiteindelijke effecten hebben de structuur van een bezwering. Het ritueel bestaat uit de collectie van dagelijkse handelingen die uitgevoerd moeten worden; het opstaan, het ontbijten, het beginnen met lopen, het eten van middag en avondmaaltijden (met ertussen meer lopen), het bezoeken van de tempels is een vaste volgorde waar volgens patroon handelingen worden uitgevoerd, het uiteindelijk opzetten van de tent en het slapen om het de volgende dag nog een keer te doen. De bezwering is uiteindelijk het geheel aan ervaringen, wat in de vorm van herinneringen bij je blijft in je verdere leven. 

Alan Booth is de eerste westerling die de lengte van het land heeft gelopen. Van Kaap Soya tot Kaap Sata. Hij heeft een boek geschreven over zijn reis wat ik mee zal nemen naar Japan om het on-the-road te lezen. Dit heb ik ook gedaan met het boek van Will Ferguson en zijn verhaal over het liften van Japan, wat op het moment dat je ermee bezig bent je beste vriend is. Niemand anders begrijpt het. Recentelijker liep Tyler McNiven de lengte van Japan. Hier maakte hij een documantaire over die hier te zien is (als je dit besluit te kijken, let dan vooral op de plek waar Tyler op minuur 10:45 begint aan zijn tocht... komt jullie allicht bekend voor!). Tyler liep om indruk te maken op een Japans/Britse meisje, genaamd Ayumi Meegan. De keus om te lopen is niet toevallig: haar vader, George Meegan, is recordhouder lange afstandlopen. Hij liep in 7 jaar helemaal van de zuidpunt van Zuid-Amerika naar het Noordelijkste puntje van Noord-Amerika. Met George heb ik een korte berichtjeswisseling gehad op Facebook. Hij woont momenteel in Kobe, Japan, en ik hoop dus stiekem dat ik een handtekening kan scoren in mijn boek van hem, genaamd "The Longest Walk". Natuurlijk nadat ik zelf een, in zijn ogen waarschijnlijk, zeer bescheiden afstand heb gelopen. 

Om te besluiten met de woorden van George Meegan zelf, op de vraag gesteld door Larry King "Why?": "Because I was living. I feel when somebody travels they're truly living. And now, life as we live it today, especially in North America, is so modulated and protected that one needs to experience real life to be in charge of one's own destiny, and my destiny was to go along and walk the roads of the world to embrace mankind as they embraced me."

0 reacties | reageer

Pelgrimstocht

En zo gaat dat dan. Je leeft de hele tijd naar iets toe, naar het reizen door Zuid-Oost Azie, naar het liften van de lengte van Japan - en telkens denk je, dat als je deze episodes concludeert, dat je dan iets hebt bereikt. In de mooie editie van 'Het Zijn en het Niet' van Sartre heb ik over het merkwaardige fenomeen gelezen wat hij daar 'standbeelddenken' noemt. Het is de modus van denken waarbij je een bundeltje denkbeeldige attributen als zijnde ideaal neemt, en hier dan naar toe gaat leven. Maar de illusie is dan, dat je doet alsof 'het leven' af zou zijn zodra je deze staat bereikt. Maar zo is 't niet. Want een mens is niet enkel zichzelf, hij is ook nog vele anderen. Als je een leven eenmaal hebt geleefd, reincarneer je. En dan moet je 't opnieuw doen. En het houdt nooit op, tot de dag dat je er door ingreep van buitenaf van wordt verlost.

Wat ik hiermee wil zeggen? Dat vragen jullie je denk ik weleens vaker af van mijn schrijfsels. Ik doel erop dat je nooit met jezelf klaar lijkt te zijn. Je gaat toch weer op zoek naar nieuwe grenzen. Nou, ik dan. Ik heb 't wel weer geprobeerd, hoor. Echt waar. Ik heb mijn baantje weer, en mijn studie die verloopt ook goed, en in principe heb ik niks te klagen en is alles helemaal normaal. Maar dat is wat er niet klopt. Die vorm van gelukkig zijn (ik noem 't liever 'content zijn') die is vreselijk irritant. Misschien ligt het ook een beetje aan het Nederlander zijn. Ik probeer 't wel, hoor. Net als alle Nederlanders zijn. Echt waar. Als ze bij mij op het werk klagen over het weer, klaag ik mee. En dan ben ik van binnen best jaloers. Zij hebben namelijk iets om over te klagen. Iets wat kennelijk voor hun moeilijk is om mee te leven, of zoiets. En wat heb ik nu? Waar mag ik nu over klagen? Waar is mijn lijden nou? Ik ben die ergens verloren, onderweg. Mijn lijden ligt misschien ergens tussen Vietnam en China in, zo'n beetje daar ergens. Als 't zo hard regent en dondert dat hele dorpen onder water staan, en als je dat dan zo ziet, dan ineens KUN je niet eens meer klagen over het weer in Nederland. Maar goed, waar 't op neer komt: het is hier saai. En ik voel me niet gemotiveerd, er iets aan te doen. Althans, niet in Nederland!

Daarom ga ik maar voor de verandering eens wat lopen-op-water achtige dingen doen, want ik ben immers de Jezus look-a-like, en daar horen bepaalde taken bij. 

Mijn Japans is, zoals ze in mijn eerste (virtuele) leven op de Japanse chat zeggen, van 'jouzu' naar 'umai' naar 'kanpeki' gegaan. Compleet. Probleem is alleen, het is een lege huls. Ik heb nu in exact een jaar 2000 karakters geleerd, en ben net zo geletterd als de gemiddelde Japanner die aan de universiteit begint. Maar newsflesh: ook al probeer ik nog zo hard, ik woon aan het einde van de dag in Nederland. Er wonen een dozijn of wat Japanners in Amstelveen, maar voor de rest is er geen Japanner te bekennen. Mijn Japans is daarom een Japans zonder ziel. Met Engels is dat toch anders. Als ik Engels praat, voel ik mij Amerikaan. Ik voel me goed. Die Amerikaanse nonchalance, die arrogantie, dat zelfverzekerde en krachtige, dat bevalt me zeer zeker. Dat komt natuurlijk omdat wij hier de 53e staat van de VS zijn. Je eet bij Burger King, je kijkt CSI, juigt voor Obama, Jogt in het park. Je bent bezield door het Amerikaanse.

Maar als je Japans spreekt, dan voel je compleet andere dingen; je voelt ondergeschiktheid, respect, kalmte, precisie, correctheid, rust; je voelt je Japanner. Maar ik praat helemaal geen Japans. Ja, ik chat 't. En ik lees 't. Ik luister naar de radio, kijk naar de tv. Maar specifiek Japans-culturele ditjes en datjes, die ontbreken. Ik slaap nu wel op de grond, en eet wel met stokjes, maar de hele tijd dat Nederlandse in-your-face, dat dwarsboomt. Omdat onze cultuur, en de Amerikaanse, nu eenmaal compleet anders is. Daarom is het opnieuw tijd voor een nieuwe injectie japansheid. 

Na weer eventjes de nummertjes te hebben gedaan (die dure yen is verschrikkelijk; hij staat nu op 1 op 110, dat was mijn eerste keer in 2007 dus nog 1 op 180), en na wat passen en meten met het tijdsschema (ben nog steeds gebonden aan vaste tentamendata vanuit de universiteit), is er dan een nieuw plan uitgerolt: 6 oktober vlieg ik, 3 januari ben ik weer terug. Met de KLM, rechtstreeks. Ik kon ook voor 200 of wat euro minder, vanaf Dusseldorf, met Turkish Air, via Istanboel, en reistijd van 26 uur. Juist ja, ik denk hetzelfde. Na wat dagen in Tokyo, zal ik waarschijnlijk op bezoek gaan bij mijn goede vrienden in Mito. Daarna zal ik, wederom per duim natuurlijk, afreizen naar Shikoku, het zuidelijke eiland. Op de snelheid van vorig jaar zal 't misschien een week duren. Kan ik ook leuk weer naar de Nederlandse camping, want die Japanse versie van de pannekoek beviel me wel.

Eenmaal op Shikoku ga ik doen waar ik vorig jaar zo onder de indruk van was, toen ik de 'henro' (pelgrims) daar zag. Gekleed in wit gewaad, hoedje en wandelstok, lopen deze mensen een rondje om het eiland heen, en bezoeken daarbij 88 tempels. Dit is een boeddhistische bedevaart, cirkelend rond de figuur Kobo Daishi, die je gerust als heilige mag beschouwen. Elk jaar trekt deze tocht honderdduizenden Japanners, waarvan de meesten de tocht per bus of auto afleggen, vaak in groepen. Maar er zijn er ook een handjevol, die nog ouderwets de bedevaart maken zoals hij oorspronkelijk was bedoelt: lopend. De volle 1500 kilometer. Dit neemt ongeveer 2 maanden in beslag. 

Ik koop zo'n wit gewaad, stok, hoedje, schaf een boekje aan waarmee je bij elke tempel een stempel kunt laten zetten, en ga het op een lopen zetten. Ik had al gezegd dat ik de lengte van Japan nog eens wil lopen: beschouw dit de proloog. Net als met het liften heb ik geen flauw idee waar ik aan begin. Maar net als met het liften zal ik niet alleen zijn: er zullen andere Japanners zijn. En zo nodig, de geest van Kobo Daishi zelf, waarvan ze zeggen dat hij na die eeuwen nog steeds rondjes op het eiland loopt. Ik neem mijn tentje mee, en bid voor goed geluk bij elke van de 88 tempels. Dit keer zijn er namelijk geen beren en krabben van 1 meter, maar giftige slangen en tyfoons. En velen van die mensen geven het van pure ellende na zoveel dagen op. Ik heb al op het internet gekeken hoeveel andere buitenlanders hier aan begonnen zijn, en de meesten hebben het opgegeven, ergens zo rond een kwart. Ook omdat ze geen Japans spraken, en dus tegen communicatieproblemen opliepen. Net als met liften zullen er de mooie dagen zijn, en de minder mooie dagen, en dan natuurlijk het ultieme gevoel van voltooiing als het cirkeltje dan rond is.

Vermoedelijk zal ik rond december ergens klaar zijn, en dan zal ik waarschijnlijk nog wat rondliften, op bezoek bij vrienden, en natuurlijk moet er ook nog het nodige geshopt worden. Met die dure yen komt een bedevaart lopen eigenlijk wel heel goed uit, want het is geen dure bezigheid, zo in je tentje. Maar zeker ook, dwingt het witte gewaad respect af. Net als in andere landen worden monniken met veel respect behandelt. Veel Japanners willen deze tocht doen, maar velen komen er niet aan toe. Ik ben benieuwd wat er dit keer op me te wachten ligt.

Overigens zal ik ook dit jaar weer alle donaties accepteren. Wederom zullen ze met die dure yen hard nodig zijn. Vorig jaar kwam ik uit op een bedrag van 195,- wat ik uiteindelijk erg nodig heb gehad. Wederom krijgen de mensen die wat voor deze arme monnik over hebben, een kaartje zodra de tocht is voltooid. 

Voor de mensen die meer over de pelgrimstocht willen weten, kijk even hier: http://www.rtl.nl/components/reizen/rtltravel/index_video.xml. Klik op Azie -> Japan -> Hotlist: de tempelroute. Kennelijk heeft RTL travel hier eens een item over gemaakt. Leuk om te zien dat er ook een Nederlander de tocht al meerdere malen heeft kunnen doen. Veel kijkplezier!

2 reacties | reageer

De grote Sado-lift-Japan filmavond


Reisblog Verkiezing 2010
Ja mensen!

Vanwege stormloop aan het front zal er op twee avonden mogelijkheid zijn om het filmmateriaal te zien van mijn liftreis door Japan. Ik vermoed dat het totale beeldmateriaal zo'n 3 uur zal tellen, maar vrees niet, er zullen ook veel doorspoelmomenten zijn (beelden waarin ik liedjes zing in de karaoke maken al een uur van dat materiaal op, dus...). Aangezien de familie aan mijn moeder's kant nogal omvangrijk is en het huis een beperkt aantal mensen kan bevatten, zal er op twee avonden kans zijn mijn avonturen te aanschouwen.

Voor de gehele familie (alles dus wat 'Prooi' of 'Van Ast' als achternaam heeft) maak ik op zaterdag 16 (edit: bedankt pap) januari vanaf een uur of 6 wat van mijn tijd vrij. Mijn moeder neemt telefoontjes aan, dus bel haar.

Voor al mijn vriendjes (en natuurlijk zeker ook vriendinnetjes en leden van Stichting Sado) is er op de 23e (een zaterdag) tijd. Waarschijnlijk ergens in de middag aangezien Rozenburg nogal lastig bereikbaar is. Mensen kunnen dan optioneel ook blijven eten voor ze weer naar huis gaan. Ik zal nog wel wat mails versturen aangezien veel van jullie niet in de mailinglijst staan. Wie wil komen op deze dag kan ook berichtje achterlaten op deze blog en dan contacteer ik je wel.

Graag tot ziens!

8 reacties | reageer

Gravity's Rainbow

Taipei is een natte boel. Ik beleef hier het meest slechte weer wat ik tot nu toe op deze reis heb gehad. Het is hier volgens mij het regenseizoen, want ik heb in de week dat ik hier ben nog geen zonnestraaltje gezien. Het is in ieder geval wel een verademing om China weer uit te zijn. Vorig jaar was ik meer onder de indruk van China, maar dat komt simpelweg door het in-your-face effect van de confrontatie met een economische gigant. Onder die dikke laag gaat een volk verborgen wat het wiel nog moet uitvinden, om het zo te zeggen. Daar hebben ze al 100 jaar last van. Sure, ze hadden toen grote schepen, om mee tegen de Japanners te knokken. Alleen jammer als je geen mensen hebt die in staat zijn om de schepen daadwerkelijk te manouvreren. Ze hebben hier de snelste treinen ter wereld, maar het spoor stelt ze niet in staat om die snelheden ook daadwerkelijk te halen. China probeert zijn eigen schaduw te vangen. De andere Aziatische volken lachen enkel, ietwat pijnlijk.

Toen 60 jaar geleden de communisten het land overnamen, vluchtte de toenmalige Chinese regering naar Taiwan. En zo is het nu nog steeds. De officiele naam van Taiwan is 'Republiek van China', en er is niemand die het weet. Je ziet het op je immigratiekaartje staan die je moet invullen om het land in te kunnen. Relaties met de Chinezen zijn gespannen, en de Taiwanezen hebben feitelijk geen kant om op te kunnen. Beijing ziet Taiwan als opstandige provincie, Taiwan ziet Beijing als de valse regering. Koude Oorlogen, daar weten ze hier alles van (denk ook aan Korea).

Ik bracht wat tijd door met Tang, De Taiwanese die ik in Korea had ontmoet. Ze kon maar moeilijk weer wennen aan het 'gewone' leven. De toekomst die ineens begint te dringen. Een bekend probleem. Op reis leef je in het nu. Althans, de werkelijke reizigers. Toeristen leven in hun reisgidsen, hun plannen, kortom, hun eigen misere. No battle plan survives contact with the enemy. Op reis kun je makkelijk je leven leiden, maar als je thuis bent zit je ook vast aan plannen, net als de toerist. Je leeft eigenlijk als toerist je eigen leven. Je plant, constant, om geld te krijgen, een diploma, een baan. Het hele moderne bestaan draait om plannen. Maar goed, pogingen om de magie terug te vinden die we in Korea hadden mislukten. Ze keek weg. Je kunt niet altijd winnen.

Die avond ontmoette ik in het hostel een Amerikaan, John. Al wat ouder, rond de 50. Maar we zitten op exact hetzelfde niveau. Dit zijn het type ontmoetingen waar ik eigenlijk stiekem de hele tijd op hoop. En ze zijn zeldzaam. Als je reist, vergroot je je kansen dit type mensen tegen te komen. We besloten Oud en Nieuw samen te vieren. Het was een goede avond. Eerst vuurwerk van de Taipei 101 bekeken. Het was minder spectaculair als ik had verwacht, maar nog steeds bijzonder cool om mee te maken. Het was flink druk op de straten maar toch kregen ze het voor elkaar het verkeer door te laten rijden. Rond 12:05 stopte het vuurwerk en baanden de mensen zich naar de barretjes, cafetjes, disco's, de nachtmarkten. Wij gingen naar een klein barretje en praatte de hele nacht lang over de Engelse literaire traditie, shotjes tequila. Van Rand naar Pynchon, de Brontes naar Joyce. Het is altijd mooi als je met iemand kunt praten die een diepe waardering heeft voor de Victoriaanse periode. Voor Wuthering Heights en The Picture of Dorian Grey was ik altijd fan van Boeddha en Lao Tzu, erna was ik enkel nog onder de indruk van figuren als Heathcliff en Dorian. Iemand die zijn leven vergooit aan het Boeddhistische nihilisme zal nooit de lengte van Japan liften. Zonde, op God's mooie aarde.

Brak werd ik de dag erna wakker, rond 6 uur. We begaven ons opnieuw naar een cafe, en gingen vrolijk verder. Tarot. Met mijn bewondering voor Aleister Crowley (het zeggen van wiens naam al genoeg is om lampen te laten springen en vlammen te doen doven) en John's orientatie richting Paul Case werd het een interessante avond. Zijn aanpak is scholastisch. De mijne praktisch. Ik had meteen zijn aandacht: welke malloot krijgt het voor elkaar een praktische aanpak te ontwikkelen aan de hand van Crowley zijn mystieke teksten? Het is voor de hand liggender dan gewoon voor de Rider-Waite te gaan. Maar het is precies wanneer je Crowley's deck omdraait, als je hem ondersteboven leest, dat je inzichten kunt krijgen die vele malen dieper gaan dan iemand die veilig voor de praktische Rider-Waite gaat. Crowley's adagum 'zoals boven zo ook onder' is de sleutel tot zijn mysterieuze set kaarten: de Geliefden is geen kaart van bevrijding maar van slavernij; de Duivel is geen slavendrijver maar juist de ultieme liberatie. De Hoge Priesteres is enkel bezig met verleiding, de Magier enkel met productie. John bekende niks te snappen van de kaart 'De Maan'... Maar het is juist precies de Maan die het niet-snappen belichaamt. En juist het niet-snappen van de dingen is de basale positie waar elke persoon zich in bevindt. De Dwaas is de ultieme wijze, de Kluizenaar de grootste idioot. Het is de Zen Boeddhist die zich vergrijpt aan vrouwen en drank (en westerse jongetjes meeneemt naar een Shinto Bruiloft) die deze wereld verlaat voor een betere plek, en de Boeddhist die zijn hele leven in een godvergeten klooster zit die nog een keer terug mag komen om het over te doen. Debord: 'when the world is really upside down, the true is a moment of the false'.

Goed, deze mystieke prietpraat zal waarschijnlijk niemand verder iets boeien, maar aangezien ik nu weer in mijn element ben kan ik de verleiding niet weerstaan om er iets over te typen. Mijn reis vindt plaats in zowel de fysieke als de mentale wereld; in de fysieke ga ik van A naar B en in de mentale ren ik rondjes. Morgen ga ik naar Hualien, John laat me wat plekken zien. Daarna hals over de kop naar Kaohsiung om nog een beetje op tijd te zijn voor mijn vlucht naar Hong Kong. Daar heb ik nog een paar dagen om een 'update rondje' te maken, oftewel, wat bouwprojectie te fotograferen. Gaat ook de eerste keer zijn dat ik een topped-out en fully-cladded IFC mag gaan bewonderen. De lijst 500 meter palen die ik nu heb gezien begint indrukwekkend te worden. Misschien wordt het eens tijd het Midden-Oosten in te duiken (zoals velen nu wel weten was vandaag de opening van de 818-meter hoge Burj Dubai). Als ik thuis ben kan ik in Rotterdam weer gebouwen van menselijke schaal bewonderen. De 158 meter hoge New Orleans die bijna zijn top heeft bereikt en natuurlijk de bouw van Rem Koolhaas zijn 'De Rotterdam', een gigantisch complex van 149 meter dat ze bouwen op de Wilhelminapier.

Als ik weer thuis ben zal ik voor geintresseerden waarschijnlijk een middagje/avondje organiseren waarin ik het beeldmateriaal van de liftreis door Japan laat zien. Datum zal ik t.z.t. nog wel aangeven. Iedereen die het leuk vindt om dit te komen bekijken is uitgenodigd. Wees niet schuw, allen zijn welkom. Als de mensen die geintresseerd zijn alvast hier een berichtje kunnen achterlaten of mij willen mailen dan weet ik of ik Sake moet inslaan voor 3 mensen, of voor 15 (of voor 183).

11 reacties | reageer

Antichrist Superstar

Na het vertrek van enkele van de Zweden nog wat rondgehangen in Beijing met Martina, een half-zweedse, half-japanse (zeer vage combinatie, maar zoals gewoonlijk pakte het in haar geval erg goed uit). Aangezien ik mezelf eigenlijk totaal niet inlees voor ik naar een plek ga, besloot ik haar maar de plekken te laten kiezen. We eindigden bij het zomerpaleis, in dit geval omgetoverd tot winterpaleis - een enorm bevroren meer, met tempels en heuvels rondom. Eigenlijk kan ik me de laatste keer niet meer herinneren dat ik op het ijs heb gelopen, maar het was behoorlijk vaag. Dat meer was ook gigantisch ondiep. Gesprek over het weer eindigde in het rare verhaal over de Chinese regering en hun weermachine -- ze proberen hier daadwerkelijk het weer te manipuleren, en met succes. Maar zoals altijd in het Chinese geval komt succes met een nogal zware prijs. Kennelijk hadden ze het laten sneeuwen nog voor het einde van de zomer, waardoor alle bomen hun bladeren al hadden verloren voordat de herfst ook maar begonnen was. Raar verhaal.

Nog wat tempels gezien, ach, standaard gedoe eigenlijk. Hostel was elke avond best gezellig. Irritante hier is echter dat het internet zo beperkt is. Geen facebook, geen youtube, om maar wat dingen op te noemen. Het is net alsof je terug bent in het jaar 2000. Man, vage nostalgie dit, het leven VOOR youtube. Gelukkig kan ik vanaf morgen wel weer mijn dosis Japansheid binnenkrijgen. Ook handig dat hier zulke goede relaties worden onderhouden met Taiwan (kuch). Alle research die ik probeer te doen over Taiwan en eventuele campings aldaar, of uberhaupt informatie over kamperen, stuit op compleet willekeurige blokkades. Sowieso is al dat geblok nogal vaag. Waarom zouden ze in hemelsnaam facebook willen blokkeren? Juist als je de mensen in je land dom wilt houden, dan JUIST moet je ze youtube en facebook geven. Ik bedoel, als we in Nederland de computers zouden bannen, dan zou iedereen ineens gaan lezen (en dan niet toiletliteratuur als Harry Potter (ok, ok, ik geef het toe: ik lees nu Harry Potter, maar dan wel in het Japans, dus ik heb een geldig excuus) of Dan Brown of whatever), en dan zou bijvoorbeeld Geert Wilders waarschijnlijk zijn koffers zo kunnen pakken. Hoewel, de malloot die zoiets voor zou stellen zou waarschijnlijk juist ervoor zorgen dat Geert in populariteit stijgt. Wat een ellende.

Ook alle gezelligheid met Martina kwam snel ten einde, maar met haar plannen in Japan te gaan wonen zal ik haar zeker nog weleens zien (zoveel mogelijk vriendjes maken die gerelateerd zijn aan Japan is in mijn geval hard nodig, zeker als ze Japanse paspoorten hebben). Ik had een soft seat voor de trein naar Shanghai. Sleeper was 2 keer zo duur, en sinds ik nu overgeleverd ben aan de genade van de bank probeer ik te bezuinigen waar het kan. 10 uur, in de trein, in de nacht, zittend. Ik heb wederom alle mogelijke posities uitgeprobeerd, en ondervond dat als je het tafeltje van de stoel voor je uitklapt en daar je hoofd op ligt dat je nog redelijk weg kunt dutten. In ieder geval vonden de Chinezen naast me dat ook wel een redelijke positie want toen ik mijn ogen opendeed zag ik ze op die manier naast me 'zitten'. Treinreis ging op die manier nog redelijk snel voorbij, gelukkig.

Shanghai is een beestenstad. Chinese steden hebben enorm veel problemen, en een van de problemen is dat de steden modern zijn maar de bevolking nog lang niet. En het beschavingsoffensief wil volgens mij nog niet echt van de grond komen. In ieder geval is het behoorlijk irritant als je een kaartje wilt kopen voor de metro en de mensen staan in een grote cirkel om die automaten heen, in plaats van dat ze gewoon rijtjes vormen. Als het op dit soort dingen aankomt mis ik Japan het meest, waar de publieke sfeer gewoon goed gereguleerd is en alles flink geolied loopt. Hier is het overal een bende. In de metro ook. Mensen die de trap op en af moeten lopen dwars door elkaar heen, wat vooral met spitsuur ECHT niet werkt. Man, die mensen hier hebben echt nog een lange weg te gaan.

Ook Shanghai lijdt onder een vervuilingsprobleem, en de lucht hier is bar slecht. Zo slecht, dat roken hier GOED is voor de gezondheid. Ik heb in ieder geval in mijn tijd hier tot nu toe nog niets fris geroken.

Maar goed, alle klachten op een hoopje, het kerstfeest dit jaar was wel erg goed (beter dan vorig jaar, toen ik probeerde binnen 20 uur van Koh Tao naar Kuala Lumpur te komen - kerstmis is toch niet zo boeiend achter de ruit van een bus). Mijn vader had me nog 50 euro gedoneerd, wat in China een fortuin is. Hier barstte een klein feestje los aan het begin van de avond, met wat mensen die wat spelletjes speelden. Stoelendans, ballonnen prikken, het standaard spul. Een of andere Chinese jongen die mij wel aardig vond, vond het na 2 uurtjes wel leuk geweest en vroeg me of ik zit had te gaan clubben. Ik had meer zin te gaan zingen. Uiteindelijk gooiden we het op een akkoord te gaan zingen EN clubben. Maar we waren enkel met zijn tweeen, dus was het zaak wat meer mensen te vinden. Hij was ietwat verlegen, dus ik probeerde wat lui mee te krijgen. Uiteindelijk een HELE vage groep bij elkaar gesprokkeld, inclusief een Duitse metalhead, een jongen uit Argentinie, een groepje Australiers, een Duitse meid die uiteindelijk model bleek te zijn en waar die andere Duitser en Argentinier de hele avond op zaten te azen (bijzonder hilarisch - in Duitsland zelf zou een metalhead NOOIT achter een barbie-achtig model met geblondeerd haar aan gaan) en de beste vondst van de avond was een Russische van Mongoolse afkomst.

Omdat het bier hier slecht is en karaoke pas leuk is als iedereen wat vrolijker is, stonden we elkaar eigenlijk aan te kijken hoe we het drankprobleem gingen oplossen. Laat drankproblemen maar aan de Russen over. Zij had nog ergens een tequila-achtige substantie in een grote fles zitten. Het brandde naar beneden. Maar het was genoeg om instante vriendschappen te scheppen (zelfs tussen barbie en ozzie). Dus daar zaten we dan, met zijn allen. Man, karaoke is zoveel beter als je het met een andere metalhead doet. Die gozer zat op bijna elk nummer te headbangen. Al snel begonnen de eerste mensen af te vallen; te diep in het glaasje gekeken, en in het Australische geval, veel te verlegen om zichzelf te kunnen verliezen. We verloren hun na de karoake en gingen naar een verschrikkelijke club. Maar we hadden onszelf helemaal happy gezongen dus zijn we gewoon los gegaan. Ik trok in die toko twee type mensen aan: mannen en vrouwen. Om de zoveel minuten zat een willekeurige vrouw aan mijn haar, en om de zoveel minuten fluisterde een willekeurige man in mijn oor 'hey man, you wanna go outside and smoke some weed??'. Gelukkig stond die Russische de hele tijd tegen me aan te dansen dus had ik een geldig excuus wat zelfs ZIJ al hun stonedheid nog wel begrepen. Toen uiteindelijk die Russische en ik nog als enige over waren, konden we de Duitser (half brak ergens in een hoekje) en die Chinese jongen (aanpappend met een of andere meid) weer verzamelen en besloten we het maar voor gezien te houden. Eigenlijk hadden we op dat moment geen flauw idee waar de rest van de groep was gebleven maar we konden ons er niet echt druk om maken.

Ik was volgens mij de enige die in redelijke staat de volgende middag wakker werd, en aangezien kerstmis nog niet over was (en mijn 50 euro ook nog niet) besloot ik wederom een groep bij elkaar te sprokkelen voor nog meer karaoke. Uiteindelijk zaten we met zijn 12en in dezelfde toko allerlei liedjes door elkaar te bleren. Die jongen uit Argentinie (die de avond ervoor met die Duitse ervandoor was gegaan en haar mee had genomen naar, jawel, McDonalds) ging ook weer mee en we hebben nog enkele mooie duetten gezongen. We hadden weinig muzikaliteit gemeen - maar hij kon het gehele ouvre van Marilyn Manson en dat is zo'n beetje het foutste wat we in die computer konden vinden. Dus speciaal voor Jezus en de weken vakantie die we elk jaar dankzij hem weer mogen krijgen 'Antichrist Superstar' gezongen. Heb ik tenminste nog een moment van kerstfeest aan hem gedacht, dat is al meer dan de gemiddelde persoon en zeker meer dan welke Chinees dan ook.

Morgen vlieg ik door naar Taipei. Ik voel me nog steeds brak van die kerst, maar vooral omdat ik veel teveel heb lopen headbangen. Dus mijn nek en schouders zijn behoorlijk gesloopt. Ik geef Maroon 5 de schuld.

3 reacties | reageer

KOUD

Seoul was uiteindelijk teleurstellend. Ik had meer mensen verwacht om mee rond te hangen. Uiteindelijk was het hostel de hele week nagenoeg leeg. En het was te koud om de toerist uit te hangen. Heb dus flink gewerkt aan mijn Japans. Na een paar dagen kwam er een Amerikaan binnenrollen, een Afro-Amerikaan om precies te zijn. Wat zeldzaam is, want zij verlaten eigenlijk zelden het ghetto. Een zwarte Amerikaan die verder kijkt dan zijn neus lang is en die ook nog een klein beetje Koreaans spreekt, dus we konden het best wel vinden. Uiteindelijk hielp ik hem uit de brand door hem mijn manier van Japans leren uit te leggen, wat hij nu probeert toe te passen op Koreaans. Hij bedankte me op de manier zoals de zwarten dat doen als ze hun 'brother' willen plezieren. Zo bevond ik me ineens in een karaoke bar, van het type 'sexy'. Die gozer verbrandde 100 dollar per uur. Zoals je in de films ziet. En de soju vloeide.

Uiteindelijk raakten wij weer in gesprek met een Koreaanse vrouw, eentje die 2 maanden in Leiden heeft gewerkt, bij de universiteit. Zij was helemaal enthousiast dat ze haar Engels kon oefenen. Ze had in ieder geval de grootste ambitie: een Koreaans restaurant openen in Nederland. Zodra dit gebeurd mag ik er gratis eten. Ik kan in ieder geval niet wachten. Als voorproefje nodigde ze Rick (de Amerikaan) en mij uit om te komen eten bij haar thuis. Haar broer is kok. Ook nam ze de tijd om ons door Incheon te rijden, een stad vlakbij Seoul, waar ook het vliegveld is. Ze stampen daar een complete stad uit de grond, Incheon New City. Daar gaan kijken bij een enorm lange brug die Seoul verbindt met Incheon Airport. En ook even bij enkele bouwprojecten wezen kijken, waaronder het 300 meter hoge North-East Asia Trade Center. Niet onaardig, maar die plek heeft nog veel werk nodig. Nu is het er leeg en verlaten, een spookstad.

Maar goed, het eten was fantastisch. Ze liet me dingen zien waar de rest van de wereld waarschijnlijk zijn neus voor zou ophalen. In ieder geval is het geheim van de Koreaanse keuken hun gewoonte dingen op te potten en lang te bewaren. Waarschijnlijk omdat het klimaat in Korea zo anders is hebben ze een eigen unieke keuken die nauwelijks Aziatisch te noemen is. De oma van de beste vrouw was koningin van het oppotten: op het dak stond een vat met 40 jaar oude soya-drek. En die zat ik dus uiteindelijk te eten, als soep. Met verscheidene andere vormen van Kimchi. Het is onwaarschijnlijk wat ze wel niet met groenten en wat chili kunnen doen. De gemiddelde kimchi heeft 3 maanden in de koelkast liggen fermenteren voor jij er een hap van neemt. Maar het is goddelijk spul, en je raakt er razendsnel aan verslaafd. 

Ook nog naar Suwon geweest, een stad die al is vast gegroeid aan Seoul. Het is waanzinnig hoe groot Seoul is. Zuid-Korea op zichzelf is al een wonder. Iedereen heeft het altijd over de supersnelle economische ontwikkeling van China, maar wat China doet is niks vergeleken bij wat Zuid-Korea voor elkaar heeft gekregen. 40 jaar geleden was ook dit land 3e wereld. Nu halen ze bijna Japan in.  En iedereen heeft wel iets in huis wat de naam 'Samsung' draagt. Maar goed, in Suwan staat een wat oudere vesting, midden in de stad. Maar wederom was het erg koud, dus het was naar binnen, foto nemen, en weer wegwezen. 

De 14e het vliegtuig genomen naar Beijing, waar ik nu zit. Ik ben teleurgesteld met wat ik tot nu toe heb gezien. Het voelt helemaal niet aan als een hoofdstad, zeker niet vergeleken bij de monsters van steden die ik in het zuiden heb gezien. Beijing is vergeleken bij Seoul en Tokyo niets meer dan een dorp. En het is hier bizar koud. De 1e dag meteen in het CBD gaan kijken, om Rem Koolhaas zijn CCTV buiding te bewonderen. Dit compleet bizarre gebouw is in persoon wel erg cool om te zien, maar je kunt niet echt dichtbij komen. Bizar ook om te zien hoe het gebouw ernaast, een ding van 200 meter, afgebrand de skyline domineert. Dit bouwwerk is vorig jaar, vlak na voltooiing, in vlammen op gegaan omdat een rotje te verkeerde kant op vloog. Jammerlijk, maar wel enorm cool om zo'n monster te zien. Beijing heeft ook nog een mooi WTC van 333 meter, maar dat gebouw is nauwelijks uniek te noemen. 

Nu hang ik wat rond met een stel Zweden. We zijn naar de Verboden Stad geweest, en ook de Muur is inmiddels gedaan. Man, ik heb het nog nooit zo koud gehad. Met snijdende wind die muur opgeklommen. Ik had mijn pikachu pak aangedaan om het nog een beetje warm te hebben, met daarover mijn kleren. Toen we zagen dat de zon achter de heuvels dreigde te verdijnen renden we snel terug de muur af om de eerste de beste bus terug naar Beijing te noemen. Maar goed, heb het weer gezien. Wel leuk om te zien hoe veel onervaren toeristen hier compleet de boot in gaan als ze naar de muur willen. We spraken gisteren een Amerikaan die een taxi(!) had genomen omdat ze hem hadden verteld dat dat de beste optie zou zijn. Dit kostte hem een goede 400RMB (zo'n 40 euro). Ter vergelijking, met de lokale bussen kun je voor 13RMB bij de muur komen. Go figure.

Ook wezen shoppen voor Japanse boeken. Man. Ik zit bijna aan mijn 20 kilo limiet, vermoed ik. Gisteren 8 boeken gekocht voor 18 euro. En net ook nog wat magazines gekocht. Wat een hemel hier. De taalsecties in de boekenwinkels zijn gigantisch. De sectie om Japans te leren is nog groter dan in de boekwinkels in Japan. En de boeken zijn flink goedkoper. En veel van die boeken zijn dubbel gedrukt, dus kan ik dezelfde boeken gebruiken voor als ik Mandarijn ga leren.

De 21e neem ik de trein naar Shanghai, waar het als het goed is een paar graden warmer is. De 28e heb ik dan een vlucht naar Taipei, Taiwan. Ik hoop dat ik het red, vooral financieel gezien. De bodem is nu echt in zicht. Dat wordt hard werken als ik weer thuis ben!

12 reacties | reageer

Goede voornemens

Ik verliet Gyeongju, alleen. Vrouwen.

Onzeker wat met mezelf te doen stapte ik in de bus naar Busan. Na Japan te hebben gelift voelt alles hier veel te makkelijk. Ik kan me niet meer voorstellen dat ik het ooit moeilijk heb gevonden conventioneel te reizen - door ZuidOost Azie bijvoorbeeld. Het is allemaal zo eenvoudig. Als je lift, dan voel je je reis. Je voelt die afstand. Je loopt eerst kilometers langs de kant van de weg om een plek te vinden die je enkel kiest omdat je niet meer wilt lopen - en dan zie je in dat wat je doet nutteloos is; er bestaat geen 'optimale' liftplek. Sterker nog, ik heb mijn beste ritjes gekregen op plekken dat ik dacht 'ik kom hier nooit meer weg'. Zoals die ochtend dat ik het toilet uitrolde, daaro, in middle-of-nowhere Hokkaido, en langs de weg stond, half 7 sochtends, met 1 auto per 5 minuten -- maar het was wel precies die ene auto die me meenam. Helemaal naar waar ik wezen moet. En dan precies die plekken dat je denkt 'ha, makkie!', dan krijg je allemaal van die liftjes die je naar het volgende dorp brengen, dat je om 3 uur smiddags nog steeds maar 50 kilometer hebt afgelegd, en je weer druk moet maken waar je die nacht weer eenzaam moet kamperen.

Fuck, ik mis de weg. Ja, het was eenzaam. Maar het was ik en die weg. Die deuren die open gingen. Die gezichten zodra je Japans sprak. Een van mijn mooiste momenten: moe, met 20 kilo aanhangels, lopend langs die weg... En dan die pelgrim zien, aan de overkant van de weg, de andere richting opgaand, net als mij, alleen. En dat hij dan opkijkt, herkent dat je net als hem bezig bent met iets belangrijks, iets persoonlijks, iets wat niet in de categorie fast-food-religious-experience valt, iets wat niemand begrijpt behalve jij en hij, en dat hij dan naar je knikt...  Ja, het was klote om dan zo nergens te eindigen, elke dag weer - maar er was dat vage doel, die vage kaap, steeds een stukje dichterbij. Wat een romantisch bestaan. Zoals Nietzsche stelt: je moet van je leven een kunst maken. In onze tijd betekent dat: je moet beter leven dan in de film gebeurd. Wat ze daar meemaken, gespeeld, is niks vergeleken bij wat je echt kunt meemaken.

Nu zit ik elke dag in de karaoke, aan de soju. Eergisteren op Jeju, een shithole van een eiland (ik had moeten weten - iets wat de naam honeymoon island draagt kan NOOIT plezierig zijn), met een of andere Canadese meid, en een heel legioen Zuid Koreaans dames. Ik heb die Canadese meid wel twintig keer de liefde verklaard in verschillende liedjes die die Zuid Koreanen in zaten te voeren. Ze zetten alle liedjes in de wachtrij waar ze helemaal lijp van zijn maar die ze zelf niet kunnen zingen. En die Canadese begon ook steeds meer die blik in haar ogen te krijgen van, nou ja, je weet wel, hoe dat vrouwvolk kijkt als ze iets van je moet. Ze nam James Blunt's 'You're Beautiful' iets te persoonlijk. Matchbox Twenty 'Disease'. Oasis 'Wonderwall'. Britney Spears 'Toxic'. Lady Gaga 'Pokerface'. Ja, ik heb Lady Gaga gezongen. Ik heb inmiddels ook Britney Spears al zo vaak gezongen dat ik haar begin te waarderen - gisteren zat ik zelfs op youtube al die liedjes te luisteren uit mijn schooltijd. Eigenlijk is ze best goed. Maar weet je, in Europa en de VS maakt iedereen zich zo druk om zijn reputatie (iedereen wil de juiste identiteit uitdragen; zo zijn emo's een puur westerse uitvinding, want hier in Azie ben je emo voor de lol; de volgende dag kun je dan weer, in het geval van Zuid-Korea, rondlopen in je Mickey Mouse trui, en een andere dag whatever dan weer in de mode is; mode is datgeen wat we zo lelijk vinden dat we het elke paar maanden moeten wijzigen) dat je dat natuurlijk beter niet kan toegeven. Ik weet zeker dat ik van deze alinea zwaar spijt ga krijgen op mijn bruiloft.

Gelukkig had die Canadese wel humor en kon ze de grap wel begrijpen toen ik suggereerde Marilyn Manson's 'The Beautiful People' te zingen. Die Zuid Koreanse dames keken elkaar verstomd aan en 15 minuten later lag ik in bed.

Op Jeju kon ik de zin niet vinden om actief de toerist uit te hangen, dus ik boekte een tour en liet mezelf overal naartoe rijden. Ik snap ineens niet meer dat mensen dat leuk kunnen vinden. De zoveelste zogenaamde hoogste tempel van Azie (geef mij maar dat kleine tempeltje, verstopt, daar op kaap Sata). Het indrukwekkende strand met helder blauw water (ik kon enkel terugdenken aan Sada Misaki, die kaap van Shikoku... Of Shodoshima, met al die olijfbomen, en die molen). Die rots in de branding uit die ene film (doe mij maar die geweldadige oceaan die ik de hele nacht hoorde terwijl ik kampeerde op het strand van Iwaki). Met zeer veel moeite haalde ik mijn camera uit mijn tas om het vast te leggen.

Ik vloog naar Seoul. Geen zin om weer op de boot te zitten en de trein te nemen. Ik geloof het allemaal wel. Het hostel is leeg, en buiten sneeuwt het. Ik houd mijn Japans bij. Elke kans die ik krijg grijp ik aan om Japans te lullen. Zo praatte ik met de tourgids in het Japans - wat een raar iets, een Hollandse jongen, een Zuid Koreaanse gids, converserend in het Japans over onze favoriete aspecten van de Japanse cultuur. Ik kwam gisteren het hostel binnen rollen en daar zat exact dezelfde jongen als vorig jaar. Enorm coole gozer. Uit de VS. Koreaanse achtergrond, gaat morgen op voor de JLPT niveau 1 (hoogste Japanse taaltoets, wow!). Helaas is hij te druk bezig met zijn Japans, anders zouden we wel ergens wat gaan drinken. Ik vermaak mezelf met mijn DS en kimchi, terwijl ik me bedenk hoe ik het avontuur terug in de reis kan brengen.

Met het nieuwe jaar om de hoek meteen een mooie kans voor wat goede voornemens. De mijne dit jaar? Ik ga de lengte van Taiwan liften. Ik maak een bordje met 'Zuiden', in het Chinees. Waarschijnlijk zijn de karakters in het Chinees en het Japans exact hetzelfde dus kan ik op hetzelfde bordje het eiland rond. Kan ik ook 'mooi weer' kamperen, dit keer bij temperaturen van 20 graden. Is ook wel nodig, want ik heb geen rode cent meer over. Het is ongelofelijk hoe Japan al je geld opslurpt, ook al lift je en slaap je in internetcafes, wcs en je tentje.

Voorlopig eerst nog een dikke week in het bizar koude Seoul.  

3 reacties | reageer

Koi no kemuri

In Kagoshima nog even een bezoek gebracht aan Sakurajima, een actieve vulkaan in de baai van Kagoshima. Het is ironisch dat deze berg de naam draagt van de Sakura; als je aan vulkanen denkt, denk je niet direct aan mooie roze bloemetjes. Ik ging er met een Duitse jongen heen en in eerste instantie was het eigenlijk niets meer dan een grote heuvel, dus zo erg onder de indruk waren we niet. Toen we ons omdraaiden hoorden we echter ineens een soort van donderklap en zagen we enorme rookpluimen opstijgen. Wij helemaal onder de indruk foto's staan maken, poserend. Een Japanner die voorbij liep haalde enkel zijn schouders op.

Kagoshima was dat weekend helemaal volgeboekt dus die nacht bevond ik me ineens weer in een internetcafe. Het zou niet de laatste zijn. Vanuit het internetcafe besloot ik om 2 uur snachts dat ik geen zin meer had in liften, en zocht op het net de goedkoopste manier om naar Fukuoka te komen. 2800 yen met de bus. In Japan kun je je buskaartjes kopen bij bijna elke winkel op de hoek van de straat; je reserveert online, schrijft een nummertje op en betaald bij een automaat. En in Japan kun je je buskaartje dus ook om half 3 snachts kopen. Diezelfde ochtend zat ik met weinig slaap in de bus op weg naar Fukuoka. Ik heb weinig gemerkt van de rit.

Fukuoka zelf was de druppel; weer een Japanse stad, weer dezelfde setup, zelfde dingen, zelfde, zelfde, zelfde...... Ik deed geen moeite en marcheerde direct naar de haven. Helaas kon ik pas de boot van de volgende dag nemen. In Fukuoka uiteindelijk gebruik gemaakt van het laatste internetcafe. Het was mooi geweest. Ik had graag langer in Japan willen blijven, maar het geld is simpelweg op. Het budget is al overschreden. Heb op het laatste moment nog wat yen uitgegeven aan wat Japanse boeken, voor de verdere studie thuis.

Boem. En ineens kon ik niets meer lezen, niets meer verstaan. Koreaans is weer gewoon standaard als de meeste Aziatische talen voor mij abracadabra; ik kan er geen touw aan vastknopen. In Busan naar een fatsoenlijke hostel gegaan, op de 15e verdieping van een enorm gebouw. Het was een hele opluchting om in Korea te zijn. Niet alleen vanwege het geld, maar ook vanwege de mensen. Begrijp me niet verkeerd; ik houd van Japan. Het is mijn favoriete land. Maar Japan kent net als alle landen zijn schaduwkanten. Een daarvan is de emotionele onderdrukking. In Korea merk je daar niks van. Mensen duwen je aan de kant. Mensen buigen niet de hele tijd. Vergeleken met Japan is het hier een puinhoop. Overal rommel. But I like it.

Ik kwam de metro uit en kon mijn weg niet vinden. Meteen stond er een Koreaan naast me. Hij heeft me helemaal gebracht waar ik wezen moest. Na de check-in de omliggende omgeving gaan verkennen. Ik kwam op straat een andere verdwaasde buitenlander tegen. Toen ik hem aanspraak bleek hij op weg te zijn naar dezelfde stek, en ook hij had al een Koreaan bij zich, maar die wist zelf net zo min waar heen te gaan. In eerste instantie gedag gezegd tegen die Koreaan, maar hij kwam terugrennen. Hij wilde voor ons een biertje kopen. En wat met een biertje begon, eindigde in Koreaans BBQen, veel soju, en een flinke sessie karaoke (hier noraebang genaamd). In eerste instantie leek het erop dat die Koreaan nog ging winnen ook (ze hebben hier natuurlijk wel een voorsprong) toen hij 93 van de 100 punten scoorde, maar toen ik met flink uitgerekt gekreun Wonderwall opvoerde en de volle 100 scoorde was ik toch nog de kampioen van die avond. Niet dat iemand er wat om gaf, want de Soju (Koreaanse versie van Sake) was ons al naar de bol gestegen, In Japan krijg je in plaats van punten te zien hoeveel kalorien je hebt verband. Ook leuk.

De volgende ochtend zou ik in eerste instantie met dezelfde jongen door de stad gaan lopen, maar uiteindelijk raakte ik aan de praat met verschillende mensen in het hostel, en aangezien die jongen slechts 2 weken op vakantie was, besloot hij maar in zijn uppie de stad in te gaan. Uiteindelijk de stad gaan verkennen met een Taiwanese. We hebben de hele middag nodig gehad om de hoogste berg van Busan te beklimmen, een goede 801 meter. De volgende dag weer met elkaar op stap gegaan. Standaard toeristen dingen gedaan, eigenlijk. Tempels bezocht. De stad beleefd. Voedsel van de straat gegeten (iets wat je in Japan niet echt vaak ziet, behalve bij tempels; in Busan heb je op willekeurige plekken willekeurige tenten (letterlijke tenten) op de straat staan waar je Koreaanse ditjes en datjes kunt eten).

Uiteindelijk vroeg ze of ik zin had met haar mee te gaan naar Gyeongju. Omdat ik geen plan had (ik moet hier nog tot de 14e van december een beetje rondbummen) en je niet snel nee zegt tegen een Taiwanese schone (en dus een uitzondering maakt op de 3-dag regel, oftewel, nooit langer met iemand rond te hangen dan 3 dagen omdat je die persoon dan begint te 'kennen', waat ik een hekel aan heb; ik doe liever elke dag een nieuwe vreemdeling) besloten mee te gaan. Toen we op dezelfde kamer eindigden, het flink koud bleek te zijn snachts (want het is meer een hmmm... 'shack', of hutje, dan een fatsoenlijke plek, iets wat het ook wel weer cool maakt), vonden we uiteindelijk warmte bij elkaar. En toen werd het flink gezellig.

De volgende och... middag rolden we om 3 uur uitgedroogd het hutje uit, uit noodzaak dus, want we hadden er de hele dag kunnen doorbrengen. We kwamen wat andere mensen tegen; 3 jongens uit de VS maar met Aziatische achtergrond, en een meid uit Maleisie. Ze kwamen er achter dat ze elkaar best konden verstaan als ze Chinees zouden spreken, wat best knap is. Uiteindelijk is Chinees een grotere wereldtaal dan veel mensen zich beseffen. We eindigden, wederom, in de karaoke, en wederom werd er veel Soju genuttigd. Veel Chinese liedjes gehoord (Chinees klinkt gezongen behoorlijk mooi, maar gesproken klinkt het echt vreselijk), en het blijft leuk dat die Aziaten al na een paar shotjes Soju helemaal rood wegtrekken en dronken allerlei kunstjes opvoeren. Ik ben waarschijnlijk de enige die zich nog de hele avond herinnert, alhoewel ik wel moeite had om nog in een rechte lijn te lopen.

Vanochtend besloten we maar dat we ook nog wat van de toeristische dingen hier willen zien, dus ik geloof dat er zometeen meer tempels op het programma staan. Zij gaat de 4e terug naar Taiwan, dus vanaf dan ben ik weer alleen. Moet ik nog 10 dagen doorbrengen. Maar het is hier allemaal zo goedkoop, en de mensen zijn zo makkelijk, dan ik het helemaal niet meer erg vind. Japan liften was lang. Nu tikken de dagen heel snel weg!

5 reacties | reageer

Volgende pagina »

Laatste reisverhalen

Alle reisverhalen

Laatste foto's

Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's

Taiwan

Laatste reacties

Meer reacties

Blijf op de hoogte!

Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.

E-mail adres:

Zoeken

Zoek binnen dit blog: